Gras gaat niet harder groeien door er aan te trekken.

Als projectmanagers zien we een niet aflatende stroom van nieuwe methoden op ons afkomen. Wat zegt deze hang naar methodeontwikkeling? Werkeloosheid of positioneringsdrift van adviseurs? Of hebben we het nog niet te pakken? Zijn we nog steeds op zoek omdat alles wat we hebben blijkbaar niet effectief genoeg is?
En dan nog iets. Een aantal ervaren projectmanagers zegt uiteindelijk in de praktijk niet zoveel baat te hebben bij alle beschikbare methoden en dat het strikt toepassen ervan bij omvangrijke projecten relatief weinig bijdraagt aan projectsucces!
De tijd is rijp om naar aanvullende wegen te zoeken om het vak ‘Projectmanagement’ te verrijken. Daarbij moeten we de neiging om de wereld in maakbaarheidsvoorschriften te vatten even laten varen. Terug naar de dingen zelf!
Reacties
En er dan zelf mee aan de slag
Zojuist het boekje ‘Projectmanagement Nieuwe invalshoeken’ van Titus Bekkering, Roelof van der Weg, e.a. gelezen. Het boekje bevat bijdragen van de leden van het genootschap van Rossum. Deze bijdragen, of beter overpeinzingen komen van een projectmanagers die willen inspireren. Het is dus nadrukkelijk geen how-to-managementboek maar een vastlegging van nieuwe invalshoeken om ons vakgebied projectmanagement te vernieuwen of te verrijken. Middels een achttal op zichzelf staande verhalen die soms overlappend en soms met elkaar in tegenspraak zijn krijgt voldoende stof tot nadenken, tot reflectie, tot inspiratie.
‘Projectmanagementmethoden loslaten’ neemt ons mee met de vraag of een projectmanagementmethode of certificering in een methode wel leidt tot projectsucces. Is het de methode of het accent op de menselijke factor die het succes bepaald. Regelmatig houd ook ik mijn cursisten voor dat een methode een prima instrument is om als basis te dienen maar het is slechts zo’n 10% binnen de gereedschapskist van de projectmanager. Om echt succesvol te zijn zal de projectmanager moeten kunnen inspireren, motiveren, conflicten oplossen, onderhandelen etc. Wat mij betreft dus niet loslaten maar juist aanvullen.
‘Elk project een unieke aanpak’ trekt een parallel tussen de voorkeurstijlen van personen in de Myers-Briggs Type Indicator (MBTI) en drijfveren in project om te komen tot en typering van projectaanpak (bewijzen, overtuigen, overbrengen en bouwen). Elk project, elk resultaat, vraagt om een bijpassende aanpak. Sterker nog, iedere fase in de levenscyclus van een project vraagt om een bijpassende aanpak.
En zo krijgen we in totaal acht verschillende verhalen die nog niet af zijn maar je dwingen om na te denken. Zoals gezegd zijn ze niet complementair en zullen je ook niet allemaal aanspreken. Maar ze kunnen je wel aan het denken zetten. Hoe doe ik dat zelf, zie ik dat ook zo, kan ik er zelf ook wat mee. Een paar uitspraken uit het boek: “We zijn in onze rol als projectmanager niet alleen gehandicapt door ons gebrek aan waarnemingsvermogen, ook het fenomeen taal graaft nog een aantal flinke valkuilen.”, of “Deugden zijn in de vergetelheid geraakt. Ten onrechte; ik denk dat deugden een belangrijke rol spelen in het juist managen van projecten. Wie deugden kan herkennen, zal ervan leren en erkennen dat deze kennis helpt om projecten en processen beter te laten verlopen.” en “hebben projecten een eigen ziel?”
In ‘Bezieling in projecten’ komt de schrijver Mireille Wiegman tot de conclusie dat het om meer gaat dan alleen het juist toepassen van projectmanagementmethodieken en dat er ook een beroep werd gedaan op haar gevoel, intuïtie en wijsheid. De link wordt gelegd met Spiral Dynamics, Theory U en Integral framework. In het laatste hoofdstuk komen we de stelling tegen dat het waanzin is om vrijwel elk initiatief terug te brengen tot een business case.
Kortom een boekje dat het lezen waard is. Een boekje met inderdaad nieuwe invalshoeken die niet kant en klaar opgediend worden maar aangeboden worden als ingrediënten waarmee je zelf verder mee aan de slag kan gaan om er, voor het vakgebied, voor je zelf, iets moois van te maken.